Erik Mandersloot (OPRenswoude) doet mee aan Alpe d’HuZes

Tijdens de Alpe d’HuZes gaan deelnemers fietsend, hardlopend of wandelend de Alpe d’Huez op. Ze beklimmen de berg maximaal zes keer. Erik werd voor het eerst bekend met de Alpe d’HuZes door zijn broer. “Tien jaar geleden heeft mijn broer meegedaan aan de Alpe d’HuZes”, vertelt Erik. “Hij ging fietsend de berg op. Dat heeft een impact achtergelaten.” Tijdens de Alpe d’HuZes steunt iedereen elkaar, het maakt niet uit of je elkaar kent of niet. Dat is een van de redenen waarom Erik mee doet. “Je doet het met z’n allen. Dat gevoel is echt mijn persoonlijke drijfveer.”
Voorbereiding
Het begon voor Erik allemaal bij zijn vriendengroep. “Een paar jaar geleden,” begint Erik, “hadden een paar vrienden geopperd om eens mee te doen. Zij wilden fietsend.” Fietsend de berg op zag hij niet zitten, dus zei hij: “Als jullie gaan fietsen, dan ga ik hardlopend.” Zo was het idee geboren.
Erik begon fanatiek met trainen. “Ik stond twee keer in de week in de sportschool en deed één keer in de week hardlopen”, zegt hij. Dit ging goed, tot een paar maanden geleden. Toen lukte het fysiek even niet en had hij weinig energie. “Dat was echt heel vervelend”, vertelt hij. “Ik kon daardoor een paar weken niet trainen. Mentaal hakte dit er natuurlijk ook in, want je werkt echt ergens naartoe.” Ondanks deze tegenslag gaf Erik niet op. “Ik heb tegen mezelf gezegd: joh, ik ga omhoog en ik zie wel hoe ik omhoog ga.” Daarna heeft hij het trainen weer opgepakt en kijkt hij positief naar de start. “Ik ga omhoog en ik ga genieten”, aldus Erik. “Ik hoop zeker twee keer omhoog te gaan, misschien zelfs drie.”
Startpunt
Aan de support geen gebrek. Erik vertelt dat zijn ouders, vrouw en kinderen de hele week mee gaan. “Ik ben veel bij hen en dat geeft mij ook veel energie.”
Dan is het startpunt in zicht, 4 juni gaat de tocht voor de deelnemers beginnen. Erik en zijn vrienden zijn van plan om vroeg te vertrekken. “Rond een uur of drie ’s nachts rijden we weg vanaf het huis”, zegt Erik. “Dan zijn we rond half vier bij het startpunt. Om half vijf is de eerste start en dan willen we beginnen. We willen de dag volledig benutten en zo vaak mogelijk omhoog.” Deelnemers kunnen starten tot kwart over vijf ‘s middags, daarna is de start dicht. Tot acht uur ’s avonds kunnen de deelnemers binnenkomen.
Het wordt dus vroege ploeg voor Erik. “Het zal even omschakelen zijn, om half vijf ’s nachts een berg op rennen doe ik niet elke dag.” Hij kijkt uit naar alle kaarsjes die de berg zullen verlichten. Mensen hebben kaarsjes langs de weg gezet in herinnering aan iemand. “Ik hoop dat ik ’s ochtends tussen half acht en half negen de eerste keer boven ben. Dan kan ik mijn ouders die boven staan even een knuffel geven.”
De weersvoorspellingen zien er niet goed uit, maar Erik maakt zich er nog niet te veel zorgen over. “We zitten hier al een paar dagen,” begint hij, “en elke keer geeft buienradar andere voorspellingen dan dat het daadwerkelijk is.”
Ervaring
Aan het eind van de middag blikt Erik opgefrist en wel terug op zijn ervaring tijdens de Alpe d’HuZes. Om iets voor half twee ’s nachts ging de wekker. “Ik ben de avond ervoor vroeg naar bed gegaan en ik ging om iets over half twee mijn bed uit.”
De eerste keer naar boven ging goed. Dus Erik zag geen andere optie dan nog een keer omhoog te gaan. Dit ging iets moeizamer. “Mijn benen wilden gewoon echt niet meer”, zegt hij. Ook omschreef hij het weer als “gigantisch slecht”. Aan het begin van de middag begon het met een bui, maar daarna barstte het los.
Langs de weg waren genoeg mensen die de deelnemers aanmoedigden. “Je wordt door onbekenden bij je naam genoemd en aangemoedigd”, vertelt Erik. “Dat maakte het persoonlijk en dat geeft net dat extra beetje kracht om boven te komen.” Ook zijn kinderen stonden hem langs de weg op te wachten en aan te moedigen. De deelnemers werden goed verzorgd door de toeschouwers. Op verschillende plekken werd eten of drinken uitgedeeld, of hoe Erik het noemt: “wat krachtvoer”.
Nadat Erik twee keer de berg op is gegaan, zijn hij en zijn vrienden afgehaakt. “Nu zitten we aan een lekker verdiend alcoholisch drankje en zijn we aan het nagenieten”, zegt hij. De hele ervaring en belevenis zullen hem bij blijven. “Ik ben blij dat ik het heb gedaan, het is een echte aanrader.”
Meer over


