


Eén van de schapen van veehouder Roel van Dijk werd gegrepen en overleefde de aanval niet. Volgens Van Dijk vond het incident plaats op slechts twintig meter van zijn woning, vlak bij de plek waar zijn kleinkinderen regelmatig spelen.
De aanval staat niet op zichzelf. Eerder werden op hetzelfde bedrijf al zes schapen doodgebeten. Volgens Van Dijk lijkt de wolf steeds dichter bij de bebouwing te komen: “De vorige keer gebeurde het achter op het land. Nu gebeurde het op twintig meter van het huis. Dat is waar mijn kleinkinderen spelen. Dat baart mij de meeste zorgen.”
Om aandacht te vragen voor de situatie nodigde Van Dijk vertegenwoordigers van de gemeentepolitiek en de pers uit op zijn bedrijf. Zijn belangrijkste boodschap: de discussie moet niet alleen gaan over schade aan vee, maar ook over de veiligheid van mensen.
Volgens de veehouder zijn er de afgelopen maanden meerdere incidenten geweest in de omgeving. Zo zouden vorige week aan de Hogesteeg ook twee schapen zijn doodgebeten: “Je hoort er bijna niets over. Je moet het van de mensen zelf horen. Je leest het nauwelijks terug in de media.”
Van Dijk vertelt dat hij na de aanval werd benaderd door iemand van de gemeente met het verzoek de situatie niet verder op de voorgrond te plaatsen: “Er werd gezegd dat we moeten leren leven met de wolf. Maar ik heb besloten het juist wel naar buiten te brengen.” Ook de veelgenoemde oplossingen, zoals schapen ’s nachts op stal of wolfwerende rasters plaatsen, vindt hij niet realistisch: “Als wij onze schapen altijd binnen moeten zetten, heeft de wolf eigenlijk gewonnen. Bovendien zijn de kosten voor wolfwerende afrastering enorm. De subsidie dekt maar een deel van de investering en de rest komt voor rekening van de boer.”
Volgens Van Dijk dreigt bovendien een situatie waarin boeren verantwoordelijk worden gehouden voor nieuwe aanvallen wanneer zij niet aan alle preventieve maatregelen voldoen.
De oproep van van Dijk kreeg gehoor vanuit de gemeentepolitiek. Vertegenwoordigers van vier politieke partijen waren aanwezig bij de bijeenkomst. Raadseden benadrukten dat de gemeente zelf beperkte bevoegdheden heeft als het gaat om het beheer van wolven. Die verantwoordelijkheid ligt bij de provincie. Ze we willen dit onderwerp na het zomerreces opnieuw op de agenda zetten.”
Van Dijk hoopt dat de provincie sneller zal ingrijpen wanneer wolven herhaaldelijk dicht bij woningen en erven komen: “Een wolf hoort niet thuis zo dicht bij de bebouwing. Als een wolf telkens terugkomt in de buurt van huizen en erven, moet het mogelijk zijn om in te grijpen.”
Meer over
We gebruiken cookies en vergelijkbare technologieën om uw ervaring op onze website te verbeteren. Lees ons Privacybeleid.