Drukbezochte bijeenkomst in Scherpenzeel over de stikstofplannen

Een zestal sprekers gaf de boeren en anderen uit de keten rondom het boerenerf, in totaal een meer dan 1000 personen, uitleg over de gevolgen van de stikstofbrief voor de sector. Wat deze sprekers te vertellen hadden kun je lezen onder de video, want wij luisterden mee en spraken met een aantal van de sprekers en met bezorgde boeren.
Jan Venneman van Agractie gaf als eerste uitleg over de achtergrond van het stikstofbeleid, dat vooral gebaseerd is op natuurdoelanalyses en modellen werkelijkheid. In de stikstofdiscussie is veel te doen over de kritische depositie waarde (KDW), echter staat de KDW niet in de wet maar alleen KDW doelen die moeten zorgen voor een vermindering van stikstofuitstoot. Daarna ging hij in op de maatregelen die in de brief van minister van Essen staan en wat deze in de praktijk betekenen. Daarna besprak hij de zonering, iets wat in deze regio sterk speelt met Natura2000 gebied de Veluwe naast de deur, alhoewel invloed van de Veluwe verder rijkt en maar liefst 80.000 Ha landbouwgrond raakt. Ook kwam het waterbeleid met het Actie Programma Nitraat dat nog in de maak is ter sprake, met daaraan gekoppeld de Natuurherstel Verordening die niet alleen invloed heeft op Natura2000 maar op alle natuur. Tenslotte kwamen de standpunten vanuit Agractie aan bod, wat via een aantal punten neerkomt op het schrappen van de brief van minister van Essen en het alternatief dat Agractie voorstelt.
Geesje Rotgers van Stichting Agrifacts gaf aan dat minister van Essen met de stikstofbrief voor elkaar wil krijgen dat er weer vergunningen kunnen worden afgegeven. Uit het onderzoek van Agrifacts blijkt dat de stikstofbrief opvallend dicht overeenkomt met de eisen die het MOB van Johan Vollenbroek stelt aan het stoppen van het aanvechten van vergunningen. Onderzoek naar de financiering van de rechtszaken door het MOB door Agrifacts heeft uitgewezen dat DPG Media, de eigenaar van onder andere de Volkskrant en Trouw, geld gedoneerd heeft aan het MOB, volgens DPG eenmalig. Ook de opleiding voor rechters bleek in dit onderzoek te hebben gedoneerd, met als uitleg dat zij daarmee de rechtspraak willen bevorderen. Aangaande natuur begon Rotgers haar verhaal met het voorbeeld dat bijvoorbeeld de bossen rond het Kootwijkerzand 150 jaar geleden nog zand waren, waardoor lange termijn vergelijkingen in dit soort gebieden niet mogelijk zijn. Tenslotte wees ze op het feit dat de natuurmonitoring niet openbaar is, al heeft Agrifacts inmiddels een deel van de gegevens wel gekregen van het ministerie en zijn zij dit gaan vergelijken met de huidige stand van de natuur, van brandnetels en bramen tot het pijpenstrootje.
Agrarisch bedrijfsadviseur Marieke Hoepel ging in op de gevolgen van de plannen voor de melkveebedrijven. Dit deed zij aan de hand van een gemiddeld voorbeeldbedrijf met 100 melkkoeien, 30 kalveren en 30 pinken waarmee het bedrijf op dit moment aan de normen voldoet, waarbij zij inging op de mogelijke keuzes en de financiële gevolgen daarvan. Om aan de GVE Norm te voldoen zou deze boer 30 koeien weg moeten doen. Ook kwam de reductie van CO2 ter sprake, wat omdat het om ammoniak gaat niet met bijvoorbeeld zonnepanelen bereikt kan worden. Een van de mogelijkheden om deze reductie te behalen zou het kopen van fosfaatrechten zijn, dit zou het voorbeeldbedrijf echter € 1.151.000 kosten. Om het met dieren wegdoen te halen, zou het bedrijf 50 koeien weg moeten doen. Dit zou het bedrijf € 121.000 per jaar aan inkomstenverlies geven. Voor het wijzigen van het stalsysteem is het bedrijf € 2.500 per koe kwijt, wat neerkomt op € 300.000 waarmee de jaarlijkse lasten met € 42.500 zouden toenemen. Daarbij is het dan nog de vraag of de stalsystemen in de toekomst juridisch houdbaar zijn. Tenslotte wees zij op een rekentool die op de website van Agractie te vinden is, waarin iedere boer een berekening kan maken voor zijn bedrijf.
Ewout Klok van de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders ging in op het intrekken van de natuurvergunning van de vijf pluimveehouderijen in Brabant. Al raakt de huidige brief de pluimveehouderij nog niet, ook het NVP vindt dat de brief van tafel moet. Ook deed hij een oproep aan LTO-leden om lid te blijven, maar wel hun voorzitter terug te fluiten. En om lid te worden van de verschillende belangenorganisaties. Uit het publiek kwam een tegenoproep om juist geen lid te worden, maar om niet meer aan tafel te gaan zitten met de politiek maar het heft in handen te nemen. Ten slotte deed hij een oproep om de petitie te tekenen dat de brief van tafel moet.
Helma Lodders van Vee & Logistiek Nederland begon met een compliment aan de hoeveelheid mensen die er aanwezig waren. Daarna riep ook zij op dat de brief in zijn geheel van tafel moet, omdat het ook met aanpassingen een slechte brief zal blijven. Daarna benoemde zij dat de maatregelen ook gevolgen hebben voor alle sectoren rond de boerenerven, zoals vervoerders, handelaren, loonwerkers, bedrijfsondersteuners, dierenartsen en veevoerbedrijven, wat vele banen raakt en waarmee hoogstaande kennis verdwijnt. Ook wees zij op het feit dat ook de biologische boeren geraakt worden door de maatregelen en deed een oproep om niet tegenover elkaar te komen te staan door mogelijke uitzonderingen. Ze sloot af met voorbeelden dat stikstof allang niet meer alleen de boeren raakt, maar ook heel veel andere ondernemers die in de toekomst tegen nog weer extra regelgeving aan kunnen lopen en de waarschuwing dat in haar ogen inmiddels is bewezen dat vergunningen niet meer heilig zijn voor de politiek, waardoor iedere zekerheid weg is.
Jeroen van Maanen van de Nederlandse Melkveehouders Vakbond sloot af met een korte samenvatting van het proces vanaf het moment van verschijnen van de stikstofbrief. Al snel kwamen de landbouworganisaties tot de conclusie dat de brief een lange versie was van de eerdere uitspraken van Tjeerd de Groot: “De veestapel moet gehalveerd”. Hij riep op om naast elkaar te blijven staan en de acties te ondersteunen, ook al ben je zelf geen persoon die vooraan op de barricaden staat. Ook waarschuwde hij voor technische oplossingen, die zomaar door rechtszaken op een later moment kunnen veranderen in verloren investeringen en sloot af met de oproep dat de brief van tafel moet en dat met verschillende manieren van actievoeren ondersteund kan worden.
Meer over


